Samm Pecht: een empathische arts, midden in de maatschappij

‘Ik wil later kunnen zeggen dat ik echt iets heb betekend’
Al tijdens haar geneeskundestudie wist Samm Pecht, jeugdarts in opleiding, dat ze met kinderen wilde werken. ‘In eerste instantie denk je dan automatisch aan kindergeneeskunde. Tijdens de opleiding word je toch vooral voorbereid op een carrière in het ziekenhuis.’ Maar tijdens haar coschappen merkte ze dat die wereld niet goed bij haar paste. ‘Ik miste de sociale en preventieve blik.’
Ze ging als anios aan de slag in de kinderpsychiatrie, waar ze ontdekte hoeveel energie ze kreeg van de gesprekken: luisteren naar kinderen, begrijpen wat er speelt en samen kijken wat iemand nodig heeft. ‘Maar als arts was ik daar toch vooral veel bezig met de medicatiekant.’ Op diezelfde afdeling liep een jeugdarts in opleiding stage. Ze raakten aan de praat over de jeugdgezondheidszorg en ter plekke besloot Samm: daar ga ik ook een kijkje nemen.
‘Best feeling ever’
Ze maakte de overstap naar de jeugdgezondheid en na anderhalf jaar aniossen is ze nu in opleiding tot jeugdarts. Ze straalt terwijl ze praat over haar werk, vooral als het over jongeren gaat. ‘Bij tieners voel ik dat ik veel kan betekenen. Dan zit ik bijvoorbeeld tegenover een meisje dat thuis nergens over praat, maar zich bij mij veilig genoeg voelt om eerlijk te vertellen hoe het gaat. Soms heb je twee of drie gesprekken nodig voordat alles echt op tafel komt. Maar als je dan die omslag maakt, dat is the best feeling ever.’
Vervolgens kijkt Samm welke hulp of ondersteuning passend is. Soms betekent dat vooral luisteren, soms is extra hulp nodig. ‘Veel jongeren vinden het moeilijk om met hun ouders te praten of hulp in te schakelen. Daar help ik ze bij.’ Afhankelijk van de situatie verwijst ze jongeren daarna bijvoorbeeld door naar een psycholoog of andere passende ondersteuning.

Preventief samenwerken
Tijdens haar huidige stage op het consultatiebureau merkt Samm hoe breed het werkveld van de jeugdgezondheidszorg is. Naast spreekuren voert ze multidisciplinaire overleggen, heeft ze contact met scholen en begeleidt ze nieuwkomersgezinnen. ‘Je staat midden in de maatschappij. En ook mooi: je maakt de hele ontwikkeling van een kind mee. Je volgt kinderen langdurig en werkt als een spin in het web: je brengt signalen en professionals uit de zorg en het sociale domein samen, waarbij het kind en het gezin centraal staan.’
Die samenwerking ziet ze als grote kracht. ‘Je werkt veel multidisciplinair samen met bijvoorbeeld logopedisten, orthopedagogen, fysiotherapeuten en kinderartsen. Iedereen kijkt vanuit een andere expertise naar een kind. Samen kijk je: wat is het beste voor het kind en wat kunnen wij betekenen?’
Woordkeuze is belangrijk
Als jeugdarts kun je vroeg signaleren, meedenken en voorkomen dat problemen groter worden. Als voorbeeld noemt Samm overgewicht, een gezondheidsprobleem dat steeds vaker voorkomt onder kinderen. Daarbij draait het niet alleen om medische kennis, maar ook om de manier waarop je het gesprek voert. ‘Hoe je iets bespreekt maakt ontzettend veel uit,’ legt ze uit. ‘Je moet in het begin altijd even aftasten: hoe open staan ze voor dit gesprek? En heel belangrijk: je woordkeuze. Ik gebruik nooit het woord overgewicht in de spreekkamer, ik praat over een gezond gewicht, over gezond opgroeien. Je wil dat je kind lekker in zijn of haar vel zit. Daar ga je voor als jeugdarts en als ouder.’
Eigen leerdoelen
Over de opleiding tot jeugdarts is Samm heel enthousiast. ‘Het is allemaal supergoed geregeld. We hebben wekelijks les en er komen vaak specialisten lesgeven waar we veel mee samenwerken, zoals kinderartsen, fysiotherapeuten, logopedisten en diëtisten.’ In de opleiding is naast de medische inhoud ook veel aandacht voor gesprekstechnieken en persoonlijke ontwikkeling. Ook waardeert ze de ruimte en tijd binnen de opleiding om aan je eigen leerdoelen te werken. En, misschien nog wel het allerleukste vindt ze onderwijs volgen met mensen die hetzelfde denken over gezondheidszorg en dezelfde ambities hebben. ‘Ik heb hier helemaal “mijn” mensen gevonden.’
Een empathische arts
In de opleiding ontdekt ze steeds beter wat voor arts ze wil zijn: ‘Voor mij is het belangrijkste dat mensen voelen dat ik er voor ze ben, dat ik ze hoor, dat ik luister. Ik wil een empathische arts zijn. Eentje die zich inzet voor de maatschappij.’
Ook denkt ze na over de toekomst. ‘Ik wil later kunnen zeggen dat ik echt iets heb betekend.’ Daarom wil ze na de opleiding tot jeugdarts doorstromen naar de tweede fase-opleiding tot arts Maatschappij + Gezondheid. Vooral de combinatie van spreekkamer en beleid spreekt haar aan. ‘Het lijkt me gewoon fantastisch om later die twee te combineren: het stukje spreekuur, maar ook verder kijken met bijvoorbeeld de gemeente: hoe kunnen we passend beleid ontwikkelen om een grote groep mensen te helpen?’
Heeft ze nog andere wensen voor de toekomst? ‘Ik hoop dat meer coassistenten en aniossen erachter komen dat je ook buiten het ziekenhuis een ontzettend mooi artsenberoep kunt hebben.’
- Lees meer over de opleiding tot jeugdarts
- Kennismaken met het vak? Ontdek onze mogelijkheden!


